Stel je lastige of saaie taken ook het liefst zo lang mogelijk uit? Dan ben je niet de enige. Volgens onderzoekcijfers geeft 95% van de mensen toe dat ze last hebben van uitstelgedrag. Hoewel dit hoge percentage wellicht iets anders doet vermoeden, is het goed om te weten dat niemand als uitsteller wordt geboren. Ook jij niet.
Uitstelgedrag is typisch aangeleerd gedrag. Ooit hebben we ontdekt dat dingen voor ons uitschuiven ons iets opleverde. Vooral op korte termijn: iets leuks of makkelijks doen voelt gewoon een stuk prettiger! Dus: liever eerst een lekker bakkie koffie drinken of een kletspraatje maken met een collega dan aan die lastige presentatie beginnen. Liever de ramen lappen en boodschappen doen dan de kinderkamer behangen. Liever een lekkere maaltijd koken dan de administratie op orde brengen. Eigenlijk willen we weer in onze comfort zone blijven hangen.

Energie
Maar als uitstellen een automatische routine is geworden, dan gaat het je in de weg zitten. Dan kost uitstelgedrag je kostbare tijd en energie. Je verliest tijd, omdat je je aandacht richt op andere, plezierigere activiteiten. Daarmee voeg je, geheel uit eigen vrije wil, nog eens wat extra mini-balletjes toe aan je toch al ingewikkelde dagelijkse jongleer act. Bovendien vreet uitstelgedrag energie. Want als je treuzelt en vervelende zaken niet oppakt, ben je daar in je hoofd toch uren, dagen of zelfs weken mee bezig. Want je wéét dat je er toch ooit eens aan moet beginnen. Ondanks gevoelens van bijvoorbeeld schuld of boosheid kom je niet in beweging. En dat knaagt. (Het doet me weer denken aan de boekenlijsten die we moesten lezen op de middelbare school).

Een kritisch stemmetje in jezelf doet er nog een schepje bovenop en zorgt ervoor dat die berg waar je toch al zo tegenop ziet hoger en hoger wordt… Want waar in eerste instantie een taak iets leek van niet meer dan een kwartier, denk je daar in tweede, derde of vierde instantie complete dagdelen voor nodig te hebben. Dat is wat je brein doet met dingen waar je tegenop ziet of waar je geen zin in hebt. Het maakt de dingen groter dan ze zijn. Jij zit uiteindelijk met de gebakken peren: Je verzandt in quick fix klusjes en je to-do lijst groeit aan waar je bij staat.

Uitstellen doet ons geen goed. Waarom blijven we het dan toch doen?
Het antwoord op die vraag is best even slikken. Want hoe makkelijk vind je het om toe te geven dat angst aan de basis van je uitstelgedrag ligt? Toch is het zo. We stellen dingen uit, omdat we dan voor even wat minder last hebben van de angst die onbewust opspeelt als we ergens tegenop zien of geen zin in hebben. Het gaat daarbij niet om één soort angst, maar om verschillende soorten.
Denk bijvoorbeeld maar eens aan:

  • • Angst dat je tekort gaat schieten.
    • Angst voor afkeuring.
    • Angst voor het onbekende.
    • Angst voor niet weten hoe je iets moet aanpakken.
    • Angst voor beginnen op de verkeerde plek.
    • Angst voor zichtbaarheid.
    • Angst voor conflict.

Kort door de bocht heet dat ‘angst om te falen’ of ‘angst om niet goed genoeg’ te zijn. Je ervaart een zekere angst als je uitstelt. En vervelend genoeg: je ervaart hem nog onbewust ook! Baal je van je eigen treuzelen en dralen rond lastige klussen? Kijk dan eens of je de angst die je onbewust ervaart wat naar het oppervlak kunt brengen.

Van onbewust naar bewust

Breng bijvoorbeeld activiteiten, gebeurtenissen of situaties in kaart, die je brein groter maakt dan ze feitelijk zijn. En waardoor je de boel voor je uit begint te schuiven. Inventariseer signalen in je omgeving, gedachten over jezelf en over de taak die voor je ligt als je uitstelt. Als je eenmaal helder hebt welke signalen dit zijn voor jou, dan ga je ze in het moment van uitstellen eerder herkennen. Daarmee voorkom je dat jouw brein op hol slaat en je verleidt om mee te gaan in oh zo prettige maar niet zo effectieve quick fix klusjes.

Wat goed werkt:

Bepaal de hoeveelheid tijd die je nodig hebt voor de klus/ opdracht.
Zet voor die dag een grote streep door je agenda en laat je hier niet meer vanaf brengen.
Maak een redelijke planning en houd je daaraan. Met een redelijke planning bedoel ik dat je jezelf niet moet overschatten van tevoren. Als je je bv voorneemt om 1 dag in de maand te klussen en dat je dan op die dag 1 kamer gaat behangen, vind ik een redelijk doel. Als je op je planning zet dat je de volgende maand de hele bovenverdieping behangen moet hebben, weet je nu al dat je dat dan niet gaat doen.
Leg de avond van tevoren alles al klaar. Als je bijvoorbeeld moet behangen, zorg dan dat je niet alleen het behang hebt, maar ook het plaksel, de kwasten, de behangtafel, iets om mee na te strijken, een schaar en een stanley mesje. Op deze manier heb je geen reden meer voor verder uitstel. Maak de kamer de dag van tevoren al leeg en leg er kranten op de vloer.
Begin die volgende dag gewoon aan je werk/ klus, of je er nu zin in hebt of niet.
Beloon jezelf na afloop. En de grootste beloning is natuurlijk het gevoel van voldoening als je die lastige klus geklaard hebt. Hij kan van je to-do lijstje afgevinkt worden. Het is trouwens sowieso een goed idee om met to-do lijstjes te werken en daar de dingen op af te vinken die je gedaan hebt. Het klinkt heel burgerlijk, maar het geeft een tevreden gevoel en werkt stimulerend als je op het einde van de dag terugkijkt op zo’n lijstje.

Klik hier om terug te gaan naar de coachingstools